Wereldpremiere: The Royal Dutch Scam speelt ‘The Nightfly’ live!

‘Welke platen draai je graag?’, vroeg hij op een middag. ‘Joe Jackson, The Eagles, Stevie Wonder, The Brecker Brothers’, antwoordde ik. Hij bladerde wat in zijn platencollectie en haalde er twee albums uit. ‘Dan vind je deze vast wel leuk. Wacht, ik zet ze gelijk op een bandje.’

Herman en ik leerden elkaar kennen op de plek van mijn eerste vakantiebaantje en hadden meteen een klik. Een zeer ontspannen man, in de veertig. Samen met de liefde van zijn leven woonde hij om de hoek en ik ging wel eens langs. Plaatjes draaien en een beetje lullen over muziek. Hij was net zo’n muziekfreak als ik.

Ik nam zijn TDK SA60 cassette mee in de nachttrein naar Parijs. Mijn walkman had auto-reverse. Op de ene kant had hij Aja van Steely Dan erop gezet en op de andere kant The Nightfly van Donald Fagen. Op de klanken van ‘IGY’ en ‘Deacon Blues’ boemelde ik op een vroege ochtend de grote, koude stationshal van Gare du Nord binnen.

[arve url=”https://youtu.be/qBruAooXPNU”]

Jarenlang zou ik altijd aan Parijs denken, wanneer ik één van de twee platen draaide. Het was ook best een spannende reis voor een jongen van zeventien. Aan de hand van deze muziek leerde ik Parijs kennen — en de wereld. Het was dan misschien niet het eerste, officiële begin van mijn volwassenheid maar wel een monumentaal voorgerecht, van wat nog allemaal zou komen.

Vooral de optimistische, jaren-vijftig-kijk op de toekomst, die centraal lijkt te staan op The Nightfly, paste mooi bij mijn stemming en mijn levensfase. Nog steeds eigenlijk. Als een jas die je aantrekt en nooit meer uit wilt doen.

Lees meer

Je hebt fans en je hebt fáns

Ze haten het om te poseren. Fotomodellen zijn ze bepaald niet. En macho’s al helemaal niet. De tegenzin stráált er vanaf.

Maar ze hebben iets. Iets ongrijpbaars. Iets unieks. En daarom houden we van hen.

De muziek van Donald Fagen en Walter Becker heeft mijn leven — en de manier waarop ik naar muziek luister — voorgoed veranderd.

Lees meer