De perfectie van ‘Glamour Profession’

Mensen zijn niet perfect, maar muziek kan dat gelukkig wél zijn. Voor mij, als er toch één nummer perfect te noemen is, is dat wel Glamour Profession van Steely Dan, van het album Gaucho.

Dat ontdekte ik pas laat: rond mijn vijfentwintigste. Het aantal momenten waarop je helemaal omver wordt geblazen door nieuwe muziek, wordt steeds kleiner ná je vijftiende, is mijn theorie. Dus wanneer dat wél gebeurt, is er iets bijzonders aan de hand.

Aan het eind van mijn studententijd verhuisde ik vaak. Tijdens het verhuizen was een ritueel ontstaan, overigens zonder duidelijke reden, dat ik steeds Glamour Profession draaide.

De stereo-installatie is tenslotte het laatste dat je inpakt in je oude huis en het eerste dat je meteen uitpakt in je nieuwe huis. Het leek alsof Glamour Profession een gouden draadje was. Een vlag in de grond. Iets wat de twee plekken met elkaar verbond.

Voor Steely Dan kun je me sowieso altijd wakker maken. Die twee gasten maken muziek die me steeds verrast. Met een wonderbaarlijk mooie spanningsboog van blues, prachtige harmonieën en instrumentale details.

De teksten hebben zowel humor als een soort literaire schoonheid. Niet dat ik verstand heb van literatuur. Integendeel. Ik zeg altijd: Steely Dan, dát is mijn literatuur.

In Glamour Profession zitten schitterende kadootjes die je als luisteraar onderweg mag uitpakken. Ik wil er een aantal noemen.

DETAILS

Allereerst de klank. Die is fenomenaal. Deze plaat zal zelfs op de meeste audiofiele hifi-installaties overeind blijven. Groot respect voor geluidstechnicus Roger Nichols, The Immortal die het weer tot op de millimeter mixte.

Harmonisch is dit nummer uniek en briljant, zoals zoveel Steely Dan-composities. Vol met vondsten die zich niet laten classificeren, niet in een stijl of genre of in een ander hokje.

Dat je piano en Fender Rhodes naast elkaar hoort zónder dat ze elkaar bijten, blijkt ook prima te kunnen, bewijst dit nummer. Ondertussen verft Steve Khan er wat puntige gitaarnootjes doorheen.

Je hoort geen four-on-the-floor, maar ik vermoed dat Glamour Profession een knipoog is naar disco. Het is 1980, het zou zomaar kunnen. Aan de drumpartij van Steve Gadd kan het niet liggen, die is dun en licht, zeker niet zwaar.

Dan de baspartij. Er is geen plek waar Anthony Jackson een noot op de eerste tel speelt — dat moet toch een zeldzaamheid zijn?

Ook opmerkelijk vind ik de twee tenorsaxofoons van Tom Scott en Mike Brecker. De manier waarop zij samenspelen is griezelig tegelijk. In het nummer zit nog meer instrumentale pareltjes, zoals de pianofills van Don Grolnick.

Prachtig zijn de bijna filmische verwijzingen in de tekst.

Jive McGell, he’s in from Bogota.

Duik je verder in de songtekst, dan kan het niet missen. Het gaat over mafia, big money en Los Angeles. Als Donald Fagen en Walter Becker met deze ingrediënten aan de haal gaan, wordt het topentertainment.

Dat ze meer dan een jaar nodig hadden voor de opname van het album ‘Gaucho’, daarbij zo’n veertig muzikanten optrommelden en elf geluidstechnici nemen we allemaal voor lief. Alles voor het resultaat: perfectie.

Steely Dan 'Gaucho' album cover (1980)
Steely Dan ‘Gaucho’ album cover (1980)

Plaats een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.