Joe Henderson: "Change is a constant thing"

Weinig saxofonisten spelen zo origineel als de geweldige Joe Henderson. Zijn inventieve en gedurfde hardbop-stijl is met niemand te vergelijken. In een interview met Mel Martin uit 1991 vond ik meer over zijn visie op jazz en improviseren.

Als tiener luisterde Joe Henderson samen met zijn broer naar jazzplaten. Ze zochten solo’s uit van Lester Young. Henderson groeide op met allerlei muziek om zich heen.

“I know as much about Johnny Cash as I do about Charlie Parker”

Journalisten en collega’s vinden het in eerste instantie lastig om het spel van Henderson te plaatsen. Zelf maalt hij er niet om.

Maybe I’ve been developing something that’s fairly uniquely my own for a long time, but you’re not aware of this stuff, you simply play.

Tijdens zijn militaire dienst bivakkeert hij een tijdje in Parijs, waar hij Kenny Dorham leert kennen. Wanneer Henderson in 1962 uit het leger wordt ontslagen en zich in New York vestigt, valt hij meteen op in de scene. Met wat hulp van Dorham wordt hij geïntroduceerd bij de stal van Blue Note.

Voor het beroemde label zou hij uiteindelijk op zo’n dertig albums spelen, waarvan vijf onder zijn eigen naam. Henderson speelt als sideman onder andere bij Horace Silver en Herbie Hancock. In de jaren zeventig en tachtig maakt hij wat meer obscure platen, ook voor het label Milestone. Zijn tweedelige trio-album ‘The State of the Tenor‘ (1985) is één van mijn eerste kennismakingen met het heerlijk korrelige, eigenwijze en swingende spel van Henderson.

Wanneer hij begin jaren negentig door platenlabel Verve wordt getekend, krijgt Henderson een soort sterrenstatus. Hij neemt een reeks prachtige thematische albums op, als eerbetoon aan respectievelijk Miles Davis, Billy Strayhorn en Antonio Carlos Jobim.

Henderson’s voorliefde voor arpeggio’s en ongebruikelijke intervallen schrijft hij toe aan zijn studie van Bartok and Stravinsky.

“Having a sense of composition has served me well, and also having a rich sense of rhythm.

Ideeën herhalen vindt hij een doodzonde. Het is volgens Henderson vooral een kwestie van jezelf trainen.

“I have a desire not to repeat stuff. I consider it one of the worst sins a musician could possibly commit, to play an idea more than one time. You’ve got to keep changing things around, keep inventing, especially when you’re making records. I came into it thinking of change being a constant thing.” We are creatures of habit anyway, so it’s easy to fall into them.

I taught my brain to start phrases on different notes of the bar, with a different combination of notes, and a different rhythm. I developed the ability to start anywhere in the bar and it lent to a whole new attitude of constant variation. What I was developing was a sense of not falling into that habit of playing the same things all the time.

Studenten die zijn manier van spelen probeerden te ontcijferen, zette hij aan old school het werk: gebruik je oren.

There is no formula for creation.

Tijdens zijn lessen gebruikte hij geen bladmuziek en geen apparatuur: alles moet uit het hoofd. Lesgeven vindt hij belangrijk.

Teaching allows us to plant some trees, and to keep the art form alive. The information that was passed on to us helped us to enjoy the planet a little more through our music.

Eén van mijn favoriete Joe Henderson-platen is zijn derde album In ’n Out, opgenomen in april 1964, waarop hij samen speelt met Kenny Dorham, McCoy Tyner, Richard Davis en Elvin Jones. Geniet van de grote meester.


Tom Beek is saxofonist, copywriter, WordPress expert, vormgever en fotograaf. Je vindt hem op Twitter en Instagram. Gek op jazz en koffie. Ruikt aan boeken.

1 reactie op “Joe Henderson: "Change is a constant thing"”

Plaats een reactie